Onvermoede schatten uit de bibliotheek van PaRDeS 2

De Kriegs-Buber voorbij

Stichting Pardes herbergt vele schatten in zijn bibliotheek. Het belang van het tijdschrift Der Jude van de grote denker Martin Buber, begonnen in het midden van de Eerste Wereldoorlog, kan nauwelijks worden overschat.

Buber bevond zich nog in zijn ‘mystische’ periode, op zoek naar een eenheid die het jodendom moest begeesteren en van losgeslagen individuen weer een volk moest maken. Vóór de oorlog meende Buber nog dat de Duitse jood zich onherroepelijk in de oorlog diende te storten.

Hier zouden reinigende krachten vrijkomen die werkelijk gemeenschap smeedden en de mens weer ten diepste kon bezielen en de jood zijn Duitse wortels konden doen voelen.

Onze eigen Frederik van Eeden was geschokt en sprak vol afschuw van Kriegs-Buber, oorlogs-Buber. Hij had samen met Buber, de joodse anarchist Gustav Landauer en nog een aantal bevlogen idealisten in 1914 de Forte Kreis opgericht. Een boeiende kring, zij het dat slechts één vrouw als lid werd aangemeld, de joodse filosofe Margarete Susman (rabbijn Elisa Klapheck promoveert op deze vrouw en zal in Pardes een studiedag aan haar wijden!). Haar lidmaatschap werd echter afgewezen: “vrouwen zijn als buskruit”, sprak een der leden!

Welnu, deze kring wilde – je moet de lat niet te laag leggen! – het geestelijke bestuur van Europa gaan voeren. Er schuilde iets profetisch in hun visioen: Europa zou te gronde gaan aan materialisme en nationalisme als het geestelijk ideaal van verbinding tussen Oost en West niet de overhand zou krijgen. Ze hadden gelijk: de Eerste Wereldoorlog brak diezelfde maanden uit. De kring zelf werd echter uiteengerukt door verschillende visies. Tot grote schrik van Van Eeden en van Landauer bleek Buber plotseling oorlogszuchtig. Het was misschien wel het grootste conflict dat Buber ooit heeft gehad. In het blad Der Jude vinden we al in het eerste artikel (niet in het Verzameld Werk opgenomen!) hoe hij zijn visie heeft bijgesteld. Buber signaleert hoe in de oorlog jood tegen jood zou moeten vechten. Hij ziet nu het zionisme als een legitieme roeping voor het jodendom om zijn volksbestaan weer te herontdekken. Bubers grondstreven is altijd gebleven om het individualisme te overstijgen. Nationalisme zag hij nu – midden in de oorlog – óók als een groot gevaar. Het streven om Duitser dan de Duitsers te zijn is kennelijk tot mislukken gedoemd.

Intussen staan we nog veraf van de Buber van de dialoog, van het Ik en Gij. Hij denkt nog in grote mystische bewegingen waarin het individu dreigt ten onder te gaan. Maar laten we eens naar onze eigen tijd kijken: slagen wij erin om van een verenigd Europa meer te maken dan ordinaire cententellerij? Het beschavingselan wil maar niet van de grond komen. En wat de toekomst van de religie betreft hebben we ook niet veel meer dan een geïsoleerd postmodern individualisme in de aanbieding. De rol van Buber is nog niet uitgespeeld!

Marcel Poorthuis
Voorzitter Pardes
Klik hier voor meer informatie