Bisdomblad – Religies in de oudste stad op aarde

Vraag je aan een inwoner van Damascus hoe de verhouding tussen de verschillende religies in die stad is, dan krijg je ongetwijfeld zoiets te horen als: tayyib dzjidan, uitstekend! Het duurt wat langer voordat je oog krijgt voor de complexe geschiedenis van die stad die volgens sommigen de oudste bewoonde stad op aarde is. In elk geval is het een van de heetste steden, veertig graden en meer is geen uitzondering. Een cursus Arabisch gaf me de gelegenheid om wat langer met die fascinerende stad bezig te zijn.

De geschiedenis van Saulus / Paulus op weg naar Damascus, bekend uit het boek Handelingen, bewijst dat het jodendom daar 2000 jaar geleden al bestond. Ook waren er al christenen, die zich kennelijk zonder de brieven van Paulus op de weg van Christus hadden begeven. De christenen van Damascus beschouwen zich dan ook als de bakermat van het christendom.

De Oude Stad die een Romeins grondplan verraadt, en zelfs nog oudere Nabatese straatjes herbergt (De Nabateeën kennen we als een Semitisch volk onder meer van de fameuze in de rotsen uitgehouwen stad Petra in Jordanië), heeft een joodse wijk, een christelijke wijk en een islamitische wijk. Ook als je iemand wat langer kent zal die vreemd opkijken als je vraagt naar de joden in Damascus. “Ze zijn zelf weggetrokken”, “president Hafez Assad heeft ze toestemming te geven te vertrekken als ze maar niet naar Israël gingen”, “de joden uit Damascus zijn door Amerikaanse joden met geld weggelokt en willen zelf graag terug, maar hebben nu geen huis meer in Damascus”, het zijn enkele meningen en even zovele halve waarheden. Dat er door politieke spanningen in Israel molestering van joodse huizen en synagoges in Damascus heeft plaatsgevonden hoor je niet. Feit is dat er nu nog slechts zo’n duizend joden in Damascus wonen en dat de joodse wijk goeddeels verleden tijd is.

In het beroemde National Museum van Damascus liggen naast kunstboeken ook enkele boekjes over het jodendom. Nu gaat het al meer van dik hout zaagt men planken, zionisme wordt eenvoudigweg racisme genoemd, My Strife van zekere A.H. wordt geciteerd om de ‘waarheid’ over de joodse samenzwering te ventileren en zelfs worden citaten van joden zelf in gebrekkig Engels doorgegeven zoals van de Belgische historicus Maxime Rodinson, die zou stellen dat de staat Israel op racisme is gebaseerd. Politieke opvattingen worden hier onontwarbaar verweven met pseudo-historische opvattingen en uit het verband geciteerde citaten. Dat doet ook een Palestijnse winkelier die zich (uiteraard) sterk verbonden voelt met het wel en vooral het wee van de Palestijnen. Na me eerst streng te hebben ondervraagd of ik soms oliebelangen vertegenwoordig, waarbij mijn bekentenis dat ik niet eens een rijbewijs heb hem maar half overtuigt vervolgt hij: “Op de plaats van de Dome of the Rock in Jeruzalem heeft nooit een tempel van de joden gestaan, de zogenaamde Tempelberg is een zionistische uitvinding”. Een ander voorbeeld: Syrië is terecht trots op het feit dat het allereerste alfabet ter wereld op (in) haar bodem is gevonden. Maar in de bekende platen die het spijkerschrift, Foenicisch, Aramees, Grieks, Palmyreens enzovoort naast elkaar plaatsen ontbreekt het Hebreeuws. Toeval? Of product van wazige islamitische theorieën van vervalsing van de Torah, vermengd met politieke controverse?

De ongekende populariteit van de leider van de Hezbollah, Hassan Nasralla, in Damascus heeft eveneens een duidelijke grond: hij heeft het collectieve gevoel van vernedering van de Arabieren door Israel gekeerd door de zogenaamde overwinning in de laatste Libanon-oorlog, voor Israël een debacle. Israel fungeert hoe dan ook als vergrootglas en kop van Jut voor alle problemen van de Arabische landen, zelf de interne. De mogelijke teruggave van de Golanhoogte door Israël aan Syrië zou hier wel eens belangrijk de druk van de ketel kunnen halen, waardoor frustratie vermindert.

Wat betreft de verhouding tussen de religies valt me nog meer op: reusachtige minaretten zelfs in het hart van de christelijke wijk pal naast een kerk roepen voortdurend op tot de salaat, het islamitisch gebed, zelfs als er geen moskee bij de minaret staat. Dan is er het merkwaardig feit dat één van de oudste moskeeën ter wereld, de Omayyadenmoskee, gebouwd is op de muren van een kerk. Zelfs wordt daar het hoofd van Johannes de Doper, nu Jachja al-Nabi genoemd, (Jachja de profeet), als kostbare relikwie in hoge ere gehouden. Die kerk was overigens zelf weer gebouwd op de overblijfselen van een reusachtige tempel van Jupiter. Keizer Justinianus verklaarde immers dat de ‘heidense tempels’ moesten worden omgebouwd tot kerken. Deze kerk nu was eveneens gewijd aan de grote Voorloper van Christus! Het maakte me nieuwsgierig naar het verloop van het bezoek van de vorige paus Johannes Paulus 2 aan Damascus in 2001 die bij die gelegenheid de moskee heeft bezocht en respect heeft betuigd aan deze relikwie, een delicate zaak voor islamitisch-christelijke verhoudingen!

Ook bezocht de paus plaatsen die aan Paulus gewijd zijn, mooie en indrukwekkende heilige plaatsen die mij echter niet opvallen door bijzondere ouderdom. Enige studie verheldert alweer een en ander van de complexe verhoudingen. Rond 1860 hebben Druzen (een tak van de islam die in reïncarnatie gelooft), mede aangespoord door de Ottomanen, de christenen van Damascus aangevallen, duizenden gedood en vele kerken verwoest. Het betekent dat veel van de oeroude wortels van deze christelijke wijk onder het plaveisel te vinden is, niet erboven. Wél toegankelijk en al even oeroud zijn de indrukwekkende liturgieën die soms onder moeilijke omstandigheden in stand gehouden worden. Zo was ik samen met een medecursist de enige getuige van een middagdienst van de Syrisch-orthodoxen, die hun taal nog van vóór de islam trouw handhaven. Nu kennen de Armeense, Syrische en Griekse kerken zowel een orthodoxe als hun katholieke (geünieerde) variant, een verdeeldheid in eigen kring die pijnlijk wordt gevoeld. De Armeniërs kennen zelfs nog een protestantse tak, resultaat van zendingsarbeid, alsof ze nog geen christen waren! Het valt evenwel te vrezen dat deze kerken onderling te weinig eensgezindheid hebben om de ondergrondse “voetsporen van Paulus”, al die vroegchristelijke overblijfselen in steen, werkelijk weer zichtbaar te maken. Wat me en passant ook opviel is dat Nederlandse studenten zich feitelijk nauwelijks interesseren voor deze kerken en ‘Arabisch’ goeddeels identificeren met de islam.

In een Franciscanenkerk aan de Bab Tuma (letterlijk: poort van Thomas)-straat is een monument te vinden van de geestelijken die in 1860 door de Druzen zijn vermoord en als martelaren worden vereerd (zie afbeelding1). Maar ook is er in die kerk een herinneringssteen aan de zogenaamde moord op een Italiaanse priester Tomassini (afbeelding 2). Dit is niets minder dan de beruchte zaak van de zogenaamde rituele moord in Damascus in 1840 die de joden van Damascus in de schoenen werd geschoven die bloed voor matses zouden gebruiken. Na langdurige martelingen wist men zelfs een ‘bekentenis’ los te krijgen. Eén en ander leidde tot moord op vele joden in Arabische landen. De zaak is onlangs weer uitvoerig gedocumenteerd door Jonathan Frankel.

Ofschoon daarna ook van Arabische zijde is toegegeven dat het hier een dwaling betrof, staat er geen rectificatie bij deze steen en was ook de vriendelijke man die mij rondleidde van de waarheid van de kwestie overtuigd. Lang geleden? Niet als je bedenkt dat de toenmalige Syrische minster van defensie Tlass in de tachtiger jaren van de vorige eeuw een boek schreef waarin hij de ‘waarheid’ van deze mythe van de rituele moord wilde bewijzen. Ook hier gaat het weer om politiek antizionisme dat zich bedient van pseudo-wetenschappelijke en antisemitische clichés, voornamelijk geëxporteerd uit Europa en meer christelijk van oorsprong dan islamitisch.

De Israelische site MEMRI  wijst voortdurend op dit antisemitisme, zonder meer terecht en nuttig. Wel speelt hierbij het lastige feit mee, dat impliciet de Palestijnse politieke strijd wordt voorgesteld als louter gevoed door antisemitisme, tevens koren op de molen van protestantse fundamentalisten. Van beide kanten, Arabisch en Israelisch, zou het een zegen zijn als de politieke kwestie van de rechten van de Palestijnen kon worden losgemaakt van deze antisemitische propaganda.

Damascus, een stad waar de meest modieuze spijkerbroeken en gewaagde décolletté’s naast totaal gesluierde vrouwen te zien zijn, de laatsten soms mét zonnebril over de sluier heen. De sluier kent wel degelijk modieuze varianten, de ogen achter de sluiter worden soms betoverend opgemaakt, hetgeen het mysterie nog vergroot (afbeelding 3).

Het feest is daarmee nog niet afgelopen: in de publieke ruimte is bedekking het parool, in de slaapkamer is het Duizend-en Eén-Nacht! (afbeelding 4)

In deze stad gelooft iedereen en doet niemand aan theologie of aan interreligieuze dialoog. Het is een manier om met elkaar te leven: je niet al teveel met de religie van de ander te bemoeien! Juist vanwege die historische gevoeligheden krijg je respect voor de wijze waarop deze stad al die religies en culturen naast elkaar leven. Hoe gaat het in Damascus tussen al die religies? Tayyib dzjidan!

Marcel Poorthuis
Bisdomblad Haarlem, oktober 2007